Kanker - Steun blijkt van levensbelang

 
Wanneer gevangenen enkele maanden eenzaam worden opgesloten zijn velen in staat om zelfmoord te plegen. Zo vitaal is onderling menselijk contact kennelijk. Zonder liefde en steun zijn mensen in staat uit het leven te stappen.

Zou het omgekeerde dan niet evengoed waar kunnen zijn: dat liefde tussen mensen helpt om het onder moeilijke omstandigheden vol te houden? Vele getuigenissen van mensen die concentratiekampen hebben overleefd onderbouwen dit gegeven. Telkens weer blijkt het de liefde tussen mensen te zijn die hen de kracht gaf om vol te houden waar anderen opgaven.

 
Onderstaande onderzoeken onderbouwen de vitaliteit van sociale steun in herstelprocessen. Hoewel deze onderzoeken gepubliceerd zijn in medische tijdschriften is het goed te beseffen dat vrijwel geen enkel wetenschappelijke onderzoek keiharde bewijzen biedt. Daarom is er verder onderzoek nodig. Welke sociale factoren maken dat mensen langer overleven? En belangrijker nog: hoe zouden we die factoren ten dienste van mensen met kanker kunnen aanwenden?

 
Voordat ik in deel III zeven projecten beschrijf waarin liefde een centrale rol speelt in de ondersteuning van mensen met kanker en hun naasten, zal ik eerst wetenschappelijk onderzoek samenvatten dat de indrukkwekkende effecten van liefde en steun op het herstel van ernstig zieke mensen toont. Onderstaande onderzoeken zijn uitgevoerd door gerespecteerde wetenschappers en zijn in medische kringen erkend. Daarmee legt dit hoofdstuk een wetenschappelijk fundament voor de in deel III beschreven projecten.

 
Met de Alameda County studie heb ik bewust gekozen voor een onderzoek dat ruim dertig jaar geleden werd uitgevoerd. Daarmee wil ik laten zien dat de ideeën in dit boek niet typisch zijn voor onze moderne tijd, maar al lang geleden werden onderzocht en bewezen. Het Alameda County onderzoek was bovendien één van de eerste grote studies die met haar conclusies grote ophef veroorzaakte in de medische wereld en er in doordrong.

Tijdens het onderzoek dat werd geleid door Lisa Berkman en Leonard Syme werden in 1965 zevenduizend volwassenen gescreend op hun gezondheid en vervolgens gedurende negen jaar medisch gevolgd. Het onderzoek leverde tal van bewijs voor het feit dat gebrek aan sociale steun een beduidend grotere, in sommige gevallen zelfs drie keer zo grote kans gaf op het ontstaan van allerlei ziekten (waaronder astma, hart- en vaatziekten en kanker) en ook op het overlijden ten gevolge van deze ziekten. Wat de medische wereld het meeste trof was het feit dat deze uitkomsten onafhankelijk waren van de vastgestelde gezondheidstoestand aan het begin van het onderzoek, van de leeftijd, van de sociaal economische status van de betrokkenen of van andere gezondheids- en levensstijlfactoren zoals roken, alcoholgebruik, overgewicht en lichaamsbeweging.

 
Hieronder volgen twee onderzoeken die aantonen dat deelname aan een supportgroep de levensverwachting van mensen met kanker doet toenemen. Het eerste onderzoek dat in 1989 in het prestigieuze medische tijdschrift The Lancet werd gepubliceerd, toont zelfs een tweemaal zo lange overlevingskans. Dit gegeven veroorzaakte een heftige reactie onder kankerspecialisten en wetenschappers. Het is ook een zeer interessant onderzoek omdat de arts en onderzoeker dokter Spiegel, die het onderzoek had opgezet en leidde, met het onderzoek juist het tegenovergestelde wilde bewijzen, namelijk dat supportgroepen geen enkel effect zouden hebben op de feitelijke overleving van mensen met kanker.

 
Zijn onderzoeksgroep betrof een groep van 86 vrouwen met uitgezaaide borstkanker die in twee gelijke groepen van 43 werden verdeeld. De eerste groep vrouwen stonden onder begeleiding van een team van specialisten en zij kregen alle noodzakelijke reguliere behandelingen in de vorm van operatie, bestraling en chemotherapie. De tweede groep vrouwen kreeg ook alle noodzakelijke reguliere behandelingen maar zij namen tevens deel aan een supportgroep van negentig minuten per week gedurende een jaar.

Het gegeven dat de vrouwen die deelnamen aan de wekelijkse supportgroep significant minder last hadden van angst, depressie en pijn vergeleken met de eerste groep vrouwen die alleen de reguliere behandelingen ondergingen was verwacht door de onderzoekers. Ook dat deze vrouwen aangaven zich beter in staat te voelen om met artsen en familie over hun ziekte te praten en dat ze hoger scoorden op psychologische tests met betrekking tot algemeen welbevinden wekte geen verbazing.

Maar het gegeven dat de vrouwen uit de supportgroep een tweemaal zo lange levensverwachting lieten zien ten opzichte van de vrouwen die niet aan de supportgroep deelnamen was een grote schok. Grondige analyse van alle variabelen die bij dit onderzoek een rol speelden konden geen andere verklaring voor dit verschil geven dan de deelname aan de supportgroep.

 
Het tweede onderzoek uit 1993 betrof een groep van 68 mensen met huidkanker. Ook deze mensen werden in twee gelijke groepen opgesplitst. Bij alle mensen werd de tumor indien mogelijk operatief verwijderd. De tweede groep mensen nam naast deze operatie ook nog deel aan een supportgroep van negentig minuten per week gedurende zes weken. Ook hier scoorden de mensen uit de tweede groep aanzienlijk lager wat betreft gevoelens van angst en depressie en lieten zij een betere copingstijl zien.

Zes maanden na behandeling waren de gemeten verschillen tussen de twee groepen zelfs nog groter. Echter, ook hier was de meest verrassende uitkomst van het onderzoek dat de mensen met kanker die naast hun operatie deelnamen aan de supportgroep beduidend minder last hadden van een terugkeer van de tumor en een significant langere overlevingskans lieten zien.

Deze uitkomsten waren des te verrassender omdat al deze verschillen werden bereikt met een supportprogramma van slechts zes weken! Ook hier kon bij nadere analyse van alle variabelen geen andere verklaring voor dit verschil gegeven worden dan de deelname aan de supportgroep.

 
Kan het waar zijn dat liefde, steun en betrokkenheid tussen mensen met kanker en hun naasten zulke indrukwekkende effecten tot gevolg hebben? Voor bovenbeschreven twee onderzoeken is het antwoord op die vraag eenduidig: Ja. Op grotere schaal zijn er wat betreft de levensverwachting, onvoldoende gegevens verzameld om keiharde wetenschappelijke uitspraken te doen die gelden voor alle mensen met kanker en die gelden onder alle omstandigheden. Daarom zijn er de laatste tien jaar verschillende grote wetenschappelijke onderzoeken gestart om de resultaten van bovengenoemde studies te bevestigen.

We zullen de uitkomsten van deze onderzoeken, waarvan ik hoop dat ze voor mensen met kanker nieuwe mogelijkheden zullen creëren, moeten afwachten. Tot die tijd kunnen we in ieder geval onze aandacht richten op de grote hoeveelheid bewijzen die er zijn voor het feit dat sociale steun de kwaliteit van leven opzienbarend verbetert.

De afname van gevoelens van angst en depressie en de toename van gevoelens van geluk en welbevinden, zowel bij de mensen met kanker als ook bij de mensen in hun omgeving, zijn het belangrijkste doel van de in dit boek beschreven projecten. Deze bedoeling ondersteunt ook de definitie van genezing die ik eerder gegeven heb, namelijk: dat ze mensen verbindt, liefde laat bloeien en deze wereld een stukje beter maakt.

Als ik aan deze vorm van genezing een bijdrage mag leveren is mijn missie geslaagd. Wanneer dat bovendien tot een verlenging van het leven leidt is dat op de eerste plaats fantastisch mooi en op de tweede plaats waarschijnlijk te danken aan een combinatie van alle behandelingen die iemand ondergaat, de reguliere behandelingen voorop.

‘Mensen met kanker hebben recht op de allerbeste medische behandelingen waaronder operatie, bestraling en chemotherapie. Ze hebben echter ook recht op voldoende aandacht voor alles wat ze daarbij meemaken en op liefde en steun uit hun omgeving.’
- Dr. Jeremy Geffen, oncoloog en wetenschapper


 

  1. Sorkin D, Rook KS, Lu JL. Loneliness, lack of emotional support, lack of companionship, and the likelihood of having a heart condition. Ann Behav Med 2002;24:290-298.
  2. Ornish D. Love & Survival: The Scientific Basis for the Healing Power of Intimacy. New York: HarperCollins, 1998.
  3. Cacioppo JT, Hawkley LC. Social isolation and health, with an emphasis on underlying mechanisms. Perspect Biol Med 2003;46(3suppl):S39-S52.
  4. Spiegel D, Sephton SE. Psychoneuroimmune and endocrine pathways in cancer: Effects of stress and support. Semin Clin Neuropsychiatry 2001;6:252-265.
  5. Weis J. Supportgroups for cancer patients. Support Care Cancer 2003;11:763-768.
  6. Cunningham AJ. Group psychological therapy: An integral part of care for cancer patients. Integr Cancer Ther 2002;1:67-75.
  7. Spiegel D. Living Beyond Limits: New Hope and Help for Facing Life-Threatening Illness. New York: Random House, 1993.
  8. Rehse B, Pukrop R. Effect of psychosocial interventions on quality of life in adult cancer patients: Meta analysis of 37 published controlled outcome studies. Patient Educ Couns 2003;50:179-186.
  9. Ross L, Boesen EH, Dalton SO, Johansen C. Mind and cancer: Does psychosocial intervention improve survival and psychological wellbeing? Eur J Cancer 2002;38:1447-1457.
  10. Lillquist PP, Abramson JS. Seperating the apples and the oranges in the fruitcocktail: The mixed results of psychosocial interventions on cancer survival. Soc Work Health Care 2002;36:65-79
  11. Cunningham AJ, Edmonds CV, Jenkins GP, Pollack H, Lockwood GA, Warr D. A randomized controlled trial of the effects of group psychological therapy on survival in women with metastatic breast cancer. Psychooncology 1998;7:508-517.
  12. Kogon MM, Biswas A, Pearl D, Carlson RW, Spiegel D. Effects of medical and psychotherapeutic treatment on the survival of women with breast carcinoma. Cancer 1997;80:225-230.
  13. Adamsen L. ‘From victim to agent’: The clinical and social significance of self-help group participation for people with life threatening diseases. Scand J Caring 2002;16:224-231.
  14. Krizek C, Roberts C, Ragan R, Ferrara JJ, Lord B. Gender and cancer support group participation. Cancer Pract 1999;7:86-92.
  15. Thiel de Bocanegra H. Cancer patients’ interest in group support programs. Cancer Nurs 1992 ;15 :347-352.
  16. Johnson J. An overview of psychological support services. Resources for healing. Cancer Nurs 2000;23:310-313.
  17. Guidry JJ, Aday LA, Zhang D, Winn RJ. The role of informal and formal social support networks for patients with cancer. Cancer Pract 1997;5:241-246.

Mieke De Wulf
Door

Mieke De Wulf

op 28 Feb 2017

liefde is een zeer belangrijk medicijn voor je genezing. Jammer genoeg is het voor sommigen moeilijker te verkrijgen dan chemo en bestraling !!

Reactie plaatsen